Elektrische auto: wil jij ‘m nog?

Heb jij als milieubewuste ondernemer ook een hybride auto? Bijvoorbeeld een Mitsubishi Outlander? Goed voor het milieu, en ook voor je portemonnee, want de bijtelling was 0%. Ja, ik zeg was, want de 25% korting op de bijtelling vervalt nadat er 60 maanden zijn verstreken sinds de eerste tenaamstelling van de auto. En dat is, als ‘ie op 1 oktober 2013 is afgeleverd, op 1 oktober van dit jaar!

Outlander

Als jouw Outlander op 1 oktober 2013 is afgeleverd, dan wordt ‘ie vanaf 1 oktober 2018 in één keer flink duurder. Dat komt omdat de bijtelling van 0% naar 25% gaat. Bij een cataloguswaarde van € 39.900 (dat is niet de duurste) kan dat gaan om € 5.200 per jaar.

Wijziging bijtellingspercentage

Het bijtellingspercentage wijzigt omdat de korting voor hybride auto’s maximaal 60 maanden geldt. Na afloop van die 60 maanden geldt de korting van dat moment. Die is voor de Mitsubishi van 2013 die meer dan 0% CO2 uitstoot 0%. Terwijl wel het oude algemene bijtellingspercentage van 25% blijft gelden. In totaal betaal je dus 25% -/- 0% = 25%.

Wat kun je doen?

Als je de bijtelling van 25% over de catalogusprijs van je auto wilt voorkomen, moet je in actie komen vóór het hogere bijtellingspercentage ingaat. Wat kan je doen?

  • De auto inruilen.
  • Je B.V. de auto aan jezelf laten verkopen.
  • Als je als eenmanszaak onderneemt: de etikettering van de auto wijzigen van zakelijk naar privé. Wijziging is mogelijk als je de auto niet langer zakelijk gebruikt, dus als je de functie van de auto in je onderneming aanpast. Voor auto’s van voor 1 juli 2012 zijn de mogelijkheden tot heretikettering ruimer, raadpleeg je adviseur!
  • Bewijzen dat je minder dan 500 privé-km’s op jaarbasis rijdt met de auto. Let op: je moet het hele kalenderjaar een kilometeradministratie bijhouden, ook als de bijtelling pas op 1 oktober hoger wordt.

 

Regel bij scheiding ook je fiscaliteit

Bij een scheiding verdeel je de bezittingen, maak je afspraken over de zorg voor de kinderen en of en hoeveel alimentatie betaald zal worden. Vaak vraag je advies aan een advocaat. Die weet immers welke verplichtingen er zijn en hoe je de alimentatie berekent. Maar er spelen ook fiscale vragen bij een scheiding.

Hypotheekrenteaftrek kan doorlopen

Veel mensen weten dat hypotheekrenteaftrek mogelijk is na scheiding, ook al woon je niet meer in de eigen woning. Blijft je ex-partner in de eigen woning wonen? Dan kan jij toch nog twee jaar jouw deel van de hypotheekrente aftrekken. Je telt dan ook jouw deel van het eigenwoningforfait bij. Jouw deel van het forfait is vervolgens als alimentatie bij jou aftrekbaar en wordt als alimentatie belast bij je ex-partner die (gratis) is blijven wonen.

Let op: het moet wel gaan om een schuld op jouw naam, waarvoor je de rente ook zelf betaalt. En er kunnen meer dingen spelen waardoor de hypotheekrenteaftrek toch opeens niet aftrekbaar is. De eigen woningregeling is ingewikkeld!

Er zijn meer fiscale aandachtspunten

Er zijn meer fiscale punten die belangrijk zijn bij een scheiding, zoals:

  • Afspraken maken bij een scheiding kan lastig zijn. Dan kom je misschien op een andere verdeling van bezittingen of pensioen/lijfrente dan fifty/fifty. Een dergelijke uitruil kan worden gekwalificeerd als alimentatie, afkoop of schenking, met alle fiscale gevolgen van dien. Ruil daarom geen zaken uit waar een verschillend fiscaal regime voor geldt.
  • Als je partneralimentatie ontvangt moet je die aangeven en als je partneralimentatie betaalt mag je die aftrekken. Het kabinet is van plan aftrekposten waaronder alimentatie in de toekomst alleen aftrekbaar te laten zijn tegen het laagste belastingtarief. Spreek je daarom nu vast af dat de alimentatie dan wordt aangepast?
  • Als ontvanger van partneralimentatie mag je de kosten die je maakt voor het vaststellen van de alimentatie aftrekken. Vraag daarom je advocaat op de factuur aan te geven welk deel van de factuur daarop betrekking heeft. Helaas, degene die partneralimentatie betaalt kan de advocaatkosten voor de vaststelling van de alimentatie niet aftrekken.
  • In principe eindigt het fiscaal partnerschap als je niet meer op hetzelfde adres staat ingeschreven én een echtscheidingsverzoek hebt ingediend. Je mag er ook voor kiezen het hele jaar fiscaal partner te blijven, dat kan soms voordelig zijn. Willen jullie dat onderzoeken? Hoe ga je vervolgens het voordeel van het fictieve partnerschap verdelen?
  • Wie moet de belastingaanslagen betalen over de periode dat jullie nog getrouwd waren? En wat spreek je af voor als er een hogere aanslag komt dan je verwacht?

Convenant checken

Scheiden is lastig, ook fiscaal. Het is daarom aan te raden de afspraken die je maakt door een belastingadviseur te laten beoordelen. Laat je convenant checken!

Blog: lang boekjaar? Collega’s, let op!

Het is weer aangiftetijd. Ook de tijd om uitstel aan te vragen. Vóór 1 april vragen wij als adviseurs uitstel voor de aangiftes van het afgelopen jaar, het beconuitstel. Als je te maken hebt met een B.V. met een lang boekjaar, let dan op collega’s! Wat is er aan de hand?

B.V. met lang boekjaar

Ik kreeg een nieuwe aangifteklant, een B.V. De B.V. was op 19 december 2014 opgericht en het boekjaar liep van 19 december 2014 tot en met 31 december 2015. Net iets langer dan een jaar dus. De vorige adviseur had uitstel voor de aangifte vennootschapsbelasting 2015 gevraagd. Best logisch als je bedenkt dat er alleen winst 2015 in de jaarrekening werd verantwoord.

Winst aangeven in het 1e kalenderjaar

Maar de klant had niets aan dat uitstel. Sterk nog, het werd niet verleend, want er was geen biljet. Waarom? Omdat sprake was van een lang boekjaar, moest de winst 2014/2015 als winst 2014 worden aangegeven.

Ik heb nergens kunnen vinden waarom dat zo is. Alleen dat het in de inkomstenbelasting precies andersom is… En dat het ook de enige manier om deze winst in de aangiftesoftware te kunnen invoeren.

En dan ben je te laat

Voor de aangifte 2014 was geen uitstel gevraagd. En dat was ook niet meer mogelijk toen ik in 2017 de jaarrekening 2014/2015 kreeg om aangifte te doen. De B.V. kreeg een fikse boete, € 2.639!

Wie had het kunnen weten?

Klant had een brief van de Belastingdienst gekregen over het indienen van de aangifte 2014. Maar die brief had hij niet doorgestuurd naar zijn adviseur. Hij had de brief opgevat als de normale aankondiging dat aangifte moest worden gedaan. Net zoals in de jaren daarvoor zou zijn adviseur hiervoor automatisch uitstel regelen, toch? Een heel logische gedachte, vind ik. Maar de gedachte van mijn collega om uitstel 2015 te vragen vind ik ook niet vreemd. Maar logisch of niet, zo gaat het wel mis. Hoe voorkom je dat?

Tip: vraag het juiste uitstel

De tip is natuurlijk: lang boekjaar: let op! Als je bij een lang boekjaar verwacht niet voor de reguliere aangiftedatum (zal vaak 1 juni zijn) aangifte kunt doen, let dan op bij het vragen van uitstel. In paragraaf 4.1.1. van de beconregeling lees ik dat je bij een lang boekjaar dat eindigt op 31 december, uitstel moet vragen met de softwareversie van het jaar waarin het boekjaar begint. Let op dat je de juiste begin- en einddatum van het boekjaar vermeldt!

Reageren?

Heb je te maken met een lang boekjaar en kom je er, ook met dit blog, niet helemaal uit?
Bel en stel jouw vraag! Of klik hier, dan bel ik jou.

Voorkom belastingrente

Heeft jouw B.V. veel winst gemaakt in 2017? Is de voorlopige aanslag te laag geweest? Dien dan een verzoek voorlopige aanslag in. De belastingrente voor aanslagen vennootschapsbelasting is namelijk 8%. Ook inkomstenbelasting-ondernemers en particulieren kunnen besparen door tijdig een voorlopige aanslag te vragen.

Belastingrente is de rente op belastingaanslagen. Je moet belastingrente betalen op je aanslag 2017 als die aanslag ná 1 juli 2018 wordt opgelegd. Omdat de rente vrij hoog is, altijd minimaal 8% op aanslagen vennootschapsbelasting en minimaal 4% op aanslagen inkomstenbelasting, is het verstandig vóór 1 mei om een voorlopige aanslag te vragen. Dan betaal je geen rente als de Belastingdienst de gegevens uit het verzoek volgt.

Als je een teruggaaf verwacht kan het ook zinvol zijn een voorlopige aanslag te vragen. Je krijgt namelijk alleen in uitzonderlijke gevallen rente uitbetaald.

Door je aangifte snel in te dienen beperk je de belastingrente natuurlijk ook!

De B.V. in?

Denk je over de B.V.? Vroeger werd er altijd gesproken over een ‘omslagpunt’, bij € 80.000 moest je de B.V. in. Zo’n algemeen geldend omslagpunt bestaat eigenlijk niet. Maar bij hoge winsten kan de B.V. wel voordeliger zijn dan de eenmanszaak of vof. Dit geldt als je jezelf een laag salaris kunt toekennen, en de winst lange tijd in de onderneming kunt laten zitten. Hoe zit dat?

Voordeel uitstel belastingheffing

Als je in de B.V. onderneemt krijg je salaris en dat wordt belast met inkomstenbelasting (2018 max 51,95%). Het deel van winst dat je in de B.V. kunt laten zitten wordt slechts belast met vennootschapsbelasting (2018: 20/25%). Pas als je het aan jezelf uitkeert als dividend wordt het belast met aanmerkelijk belangheffing (2018: 25%).

Als je jezelf niet veel salaris hoeft uit te keren omdat je salariswens niet zo hoog is én het gebruikelijk loon niet hoog is, kan je veel geld in je B.V. laten zitten en stel je dus veel aanmerkelijk belangheffing uit. Je kunt dan investeren met geld van de fiscus terwijl een bank je het geld misschien niet zou lenen!

Andere fiscale voordelen van de B.V.

De B.V. heeft ook allerlei andere voordelen. Beperking van aansprakelijkheidsrisico en de status die de B.V. oplevert zijn de bekendste, maar er is meer.

  • Innovatiebox toepassen kan tot nu toe alleen in de B.V.
  • Als je holding een werkmaatschappij verkoopt hoef je, als je de holdingstructuur tijdig tot stand hebt gebracht, geen vennootschapsbelasting te betalen en kan je de volledige verkoopprijs opnieuw investeren. Natuurlijk moet je, als je de winsten uiteindelijk aan jezelf uitkeert, wel aanmerkelijk belangheffing betalen.
  • Aan het eind van je ondernemerschap kan je voordeel behalen met de B.V. Je kunt afrekenen over stakingswinst uitstellen door je onderneming vóór de verkoop de B.V. in te brengen. Zo kan je je pand verhuren zonder dat je moet afrekenen over de meerwaarde in het pand. Als je je onderneming inclusief pand verkoopt, kan je vaak ook overdrachtsbelasting besparen.
  • Je kunt ook je eigenwoningfinanciering regelen via je B.V. Of beleggen in de B.V., scheelt box 3-heffing!

Leg je intentie nu vast

Als je denkt over de B.V. dan is 1 april 2018 een belangrijke datum. Omdat je, als je voor die datum een intentieverklaring tekent en goed laat vastleggen bij de Belastingdienst, de balans van 1 januari 2018 kunt gebruiken bij je ruisende of geruisloze inbreng. En je dus al wat eerder geniet van de voordelen die daarbij horen. Als je voor 1 oktober 2018 een intentieverklaring tekent kan je die terugwerkende kracht ook krijgen, maar alleen als je kiest voor een geruisloze inbreng.

Zo heb je tijd om te kiezen

Overigens gaat het hier niet om een definitieve keuze voor de B.V. Je geeft met de intentieverklaring of voorovereenkomst aan dat je van plan bent om je rechtsvorm te wijzigen, maar het is ook mogelijk om van dat plan af te zien. Zo is er tijd om te rekenen en weloverwogen keuzes te maken.

 

Aangiftetijd!

Als ik je aangifte maak, zorg ik altijd voor becon-uitstel. We hebben dan tot 1 mei 2019 de tijd om de aangifte 2017 klaar te maken. Maar het is fijn als het klaar is, daarom streef ik ernaar de meeste aangiftes in december 2018 klaar te hebben.

Doe je zelf je aangifte? Neem dan de tijd om de door de Belastingdienst vooringevulde gegevens goed te controleren, want fouten komen zeker voor. En kijk ook of je aftrekposten kunt benutten, want dat doet de Belastingdienst niet! Als je verwacht dat je 1 mei niet haalt, vraag dan vóór 1 mei uitstel aan. Je krijgt dan tijd tot 1 september. Dat uitstel geldt ook voor het aanvragen van toeslagen, behalve voor de kinderopvangtoeslag.

Rutte III en de eigen woning

Vraag jij je af wat de fiscale plannen van Rutte III voor jou betekenen? Helaas, daar kan ik geen duidelijk antwoord op geven, het zijn immers voornemens. Van wetsvoorstellen met 1  januari 2018 als geplande ingangsdatum is de kans dat ze worden ingevoerd natuurlijk wel groot. Maar veel plannen voor de komende jaren zijn nu nog niet meer dan een grove schets en we weten niet of deze plannen (compleet) door de Tweede en Eerste Kamer komen.

Toch schrijven kranten en andere media over de plannen alsof ze al zijn aangenomen. Ik krijg dan ook regelmatig vragen over de kabinetsplannen. Ik beschrijf hieronder de plannen rond de eigen woning en iets over hun achtergrond en samenhang. Net als in de krant lijkt het dan of het allemaal zeker doorgaat, maar dat is dus niet zo!

Als je een eigen woning hebt, heb je een bron van inkomen. Uit die bron geniet je inkomsten, het zogenaamde eigenwoningforfait. Dit is nu 0,75 % van de WOZ-waarde. Dit percentage wordt met ingang van 2020 verlaagd naar 0,6%.

Reden voor deze belastingverlaging is dat het kabinet het zogenaamde Hillen-effect wil afschaffen. Dat gaat om de regel dat geen eigenwoningforfait wordt bijgeteld als er geen eigenwoningschuld meer is of alleen nog maar een kleine schuld. Op dit moment is het kabinet van plan om deze regeling in 30 jaar af te schaffen. Zuur voor iedereen die z’n hypotheek heeft afgelost met het oog op het Hillen-effect!

Als je een bron van inkomen hebt, kan je ook kosten aftrekken. Bij de eigen woning gaat het om hypotheekrente of eigenwoningrente. Al eerder werd de aftrek van eigenwoningrente beperkt. Aftrek is nu maximaal 30 jaar mogelijk, bovendien moet er verplicht worden afgelost. Eerder is in gang gezet dat het aftrektarief jaarlijks 0,5% lager wordt. Voor de aangifte 2017 betekent dit dat eigenwoning rente tegen maximaal 50% wordt afgetrokken. Vanaf 2020 wordt de afbouw versneld en daalt het aftrektarief met 3% per jaar, totdat aftrek alleen nog mogelijk is tegen het basistarief.

Tip voor mensen die al te maken hebben met de verlaging van het aftrektarief: het is fiscaal toegestaan de rente van een half jaar vooruit te betalen, vraag er naar bij je lening verstrekker. En als je denkt over oversluiten van je hypotheek: vaak wordt de boeterente met de nieuwe rente gemiddeld tot een nieuw tarief, maar je kan ook met je bank afspreken eenmalig boeterente te betalen, dan profiteer je nog van het hoge aftrektarief.

 

Heb jij nog iets aan te geven?

Mensen die in het verleden zaken buiten hun aangifte hebben gehouden, kunnen gebruikmaken van de zogenaamde inkeerregeling. Dit betekent dat je zelf bij de Belastingdienst aangeeft dat je een of meer aangiftes uit het verleden wilt aanpassen. In zo’n geval wordt de boete beperkt tot 40% van de normale boete of helemaal teruggebracht naar nihil. Per 1 januari a.s. wordt deze regeling afgeschaft. Een goede reden om nu actie te ondernemen.

Misschien heb je je aangifte in het verleden niet correct ingevuld en heb je niet alle inkomsten opgegeven of heb je een bankrekening die niet uit de aangifte blijkt.

Als de Belastingdienst op deze informatie stuit, legt zij een aanslag op, en als zij van mening is dat je je aangifte opzettelijk niet correct had ingevuld komt daar boete bij, 100% (bij correctie inkomsten) of 300% (bij correctie vermogen). Als je zelf aankaart dat je aangifte in het verleden niet correct is geweest, betaal je ook belasting over niet-aangegeven inkomsten of vermogen, maar betaal je geen boete als je je aangifte binnen twee jaar na indiening verbetert. Buiten de tweejaarstermijn wordt de boete beperkt tot 40% van 100% respectievelijk 300%.

Als je je aangifte buiten de tweejaarstermijn verbetert, dan speelt de vraag hoe hoog de boete moet zijn. De Belastingdienst rekent steeds met 40% en120%, maar een lagere rechter heeft al eens beslist dat een belastingplichtige die buitenlands vermogen niet had opgegeven, een boete kreeg die net zo hoog was als de boetes die in die betreffende jaren golden en dat ging soms om 0% of 10%. Dus of de Belastingdienst de 120% boete kan aanhouden is nog niet duidelijk.

Nog iets aan te geven? Doe het nu!

Rutte III en de B.V.

In de media lijkt het alsof de plannen van Rutte III al wet zijn. Toch zijn veel plannen niet meer dan een grove schets en weten we niet of ze (ongewijzigd) door de Tweede en Eerste Kamer komen. Toch is het natuurlijk goed om deze beleidsvoornemens te kennen. Daarom hieronder de plannen rond de B.V. en iets over hun achtergrond en samenhang. Net als in de media lijkt het dan of het allemaal zeker doorgaat, maar dat is dus niet zeker!

Rutte III wil de belasting voor B.V.’s (en andere rechtspersonen) verlagen om Nederland aantrekkelijker te maken voor investeerders. Het plan is om het vennootschapsbelastingtarief stapsgewijs te verlagen: vanaf 2019 wordt het tarief 19% (en 24% vanaf een winst van €200.000), in 2020 17,5% (en 22,5%) en vanaf 2021 16% (en 21%). Dit wordt betaald doordat bepaalde renteaftrekken niet meer mogelijk zijn, afschrijving op gebouwen in eigen gebruik wordt beperkt en de termijn voor verliesverrekening korter wordt. Ook vervalt het eerdere plan om de eerste schijf in de vennootschapsbelasting, het zogenaamde opstapje, te verlengen. Dat blijft gewoon €200.000.

Als het tarief in de vennootschapsbelasting daalt, wordt de B.V. aantrekkelijker voor ondernemers. Het kabinet wil dit niet en streeft naar een globaal evenwicht tussen belastingheffing voor eenmanszaak/vof-ondernemers en B.V.-ondernemers. Daarom wordt het aanmerkelijk belangtarief verhoogd van 25% naar 28,5 %.

Veel B.V.-ondernemers zullen voor de ingangsdatum van de verhoging van het aanmerkelijk belangtarief dividend uitkeren. Dat is een zuur voordeeltje, want de reserves in de B.V. zijn opgebouwd in jaren dat het vennootschapsbelastingtarief nog hoger was en waarbij dus een lagere aanmerkelijk belangheffing zou horen. Maar die nuance wil het kabinet (nog?) niet kennen, er wordt niet gesproken over een overgangsregeling.

Of de B.V. door deze tariefswijziging misschien toch aantrekkelijker is voor jou? Dat kan ik nu niet zeggen, dit zal rekenwerk blijven kosten. Naast de verlaging van het vennootschapsbelastingtarief en de verhoging van aanmerkelijk belang-tarief moet je dan ook rekening houden met het effect van wijzigingen in het tarief waartegen je de zelfstandigenaftrek aftrekt.

Tot slot: de dividendbelasting wordt afgeschaft. In binnenlandse situaties maakt dit geen verschil. Dividendbelasting (nu 15%) is immers een voorheffing op de aanmerkelijk belangheffing (nu 25%) zodat Nederlandse dga’s na het uitkeren van dividend nu 10% bijbetalen. Dat wordt straks het volle bedrag van de aanmerkelijk belangheffing.

Huwelijksvoorwaarden opheffen?

Denk jij over het opheffen van je huwelijksvoorwaarden? Per 1 januari a.s. wijzigt het wettelijke systeem van gemeenschap van goederen. Je kunt dan geen erfbelasting meer besparen door het opheffen van huwelijksvoorwaarden. Maar het kan nu nog wel. Als je overweegt je huwelijksvoorwaarden op te heffen, neem dan snel contact op met je notaris.

Lees hier meer over het nieuwe systeem van gemeenschap van goederen.