BLOG-Vof: wat is een ingroei-regeling, en wanneer kun je die gebruiken?

Het klinkt nogal fysiek, maar is gewoon fiscaal. Het is een manier om ineens afrekenen over stille reserves bij het vormen van een vof te voorkomen. Wil je weten hoe het werkt?

Let op als je van je eenmanszaak een vof maakt

Als je een vof start door je eenmanszaak met z’n tweeën te gaan runnen, of je vof uitbreidt met een extra compagnon, moet je afspraken maken over de in de onderneming aanwezige stille reserves. Stille reserves zijn aanwezig als de werkelijke waarde van de activa op je ondernemingsbalans hoger is dan de boekwaarde van die spullen, of als spullen helemaal niet op de balans staan:

-een pand of een ander bedrijfsmiddel dat in waarde is gestegen en/of flink is afgeschreven;

-activa die niet op de balans staan, bijvoorbeeld een product dat je zelf hebt ontwikkeld of goodwill.

Wat gebeurt er fiscaal?

Als je je eenmanszaak als vof voortzet, betekent dat fiscaal dat je je onderneming deels aan je compagnon verkoopt. Als het winstaandeel van je compagnon 50% is, dan draag je de helft van je onderneming over aan je compagnon. Dus moet je over de helft van de stille reserves belasting betalen.

Voorkom belasting betalen door genot/huur in te brengen of door een voorbehoud

Je kunt belasting betalen voorkomen door de stille reserves niet in te brengen, maar alleen het genot van de activa. Of de spullen te verhuren. Je kan er, afhankelijk van de soort activa (bij goodwill kan dat niet), ook voor kiezen om de spullen wél in te brengen, maar de huidige stille reserve voor te behouden.

Bij de toekomstige verkoop van het betreffende bedrijfsmiddel is de winst tot maximaal het voorbehoud dan alleen voor jou. De rest van de waardeontwikkeling komt voor rekening van de vof. Een waardedaling is in deze methode echter ook alleen voor jou. Let goed op de formulering van het voorbehoud, want als je een vast bedrag afspreekt moet je alsnog afrekenen!

Cijfervoorbeelden voorbehoud

-Een pand staat voor € 150.000 op de balans, maar is € 200.000 waard. De stille reserve en ook het maximale voorbehoud is dus € 50.000. Stel dat het pand bij verkoop € 240.000 waard is en de boekwaarde dan € 140.000 is. De winst op het pand is dan dus € 100.000. De eerste € 50.000 (het voorbehoud) is voor de inbrenger. De andere € 50.000 deel je in de vof.

– Hetzelfde voorbeeld, maar nu wordt het pand voor € 180.000 verkocht. De winst op het pand is dus € 40.000. Door de werking van het voorbehoud is die winst helemaal voor de inbrenger.

Voorkom belasting betalen door een ingroeiregeling

Als je het prettiger vindt om de spullen gezamenlijk te hebben, en ook de waardeontwikkeling helemaal voor gezamenlijke rekening te laten komen, dan kan je natuurlijk belasting betalen. Maar je kunt ook kiezen voor een ingroeiregeling. Met deze methode kan je ook voorkomen dat je ineens moet afrekenen over goodwill.

Hoe werkt een ingroeiregeling?

Bij een ingroeiregeling krijgt de toetreder aanvankelijk een lager winstpercentage en de inbrenger een hoger winstpercentage. Na een afgesproken periode gelden zakelijke winstverdelingspercentages. Voor het geval de vof onverhoopt al voor het einde van de ingroeiperiode eindigt, spreek je de berekeningsmethode voor een vergoeding ineens af.

Cijfervoorbeeld ingroeiregeling

Waarschijnlijk is een winstverdeling 50/50 reëel. Als de waarde van de goodwill € 50.000 is en je een jaarwinst van € 100.000 begroot, dan zou je kunnen kiezen voor een ingroeiregeling waarbij de winst de eerste vijf jaar 55/45 wordt verdeeld. Zo komt er vijf keer 5% van waarschijnlijk € 100.000 extra naar de inbrenger toe.

De toetreder krijgt dus de eerste vijf jaar een 5% lager winstaandeel dan wat jullie eigenlijk reëel vinden. Zo betaalt hij voor de stille reserve. Hij krijgt dus een steeds groter aandeel in het bedrijf: hij groeit erin!

Voor- en nadelen ingroeiregeling

Voordeel van deze methode is dat de goodwill of spullen gemeenschappelijk worden. Dat is vaak beter te begrijpen dan een voorbehoud. Gemakkelijk is het ook: er is geen fiscale afrekening bij de inbrenger en geen afschrijving bij de toetreder. Maar wel een goed omschreven afspraak in het vof-contract. Voordeel is ook dat geen financiering nodig is.

Nadeel is vooral de onzekerheid: de inbrenger weet niet hoeveel hij eigenlijk krijgt voor z’n stille reserve en de toetreder weet niet hoeveel hij betaalt, dat is immers afhankelijk van de omvang van de winst.

Wil je meer weten?
Bel mij op 050 3131757
Nieuwsbrief ontvangen? Meld je aan voor de nieuwsbrief